Crowdfunding? Dat is zóóóóó 2014!

2014 was het jaar van de doorbraak van crowdfunding . Vorig jaar ontplofte het. Van een kleinschalig iets waar een enkeling zich mee bezighield om wat meer rendement binnen te halen werd crowdfunding haast een volkssport. De hoeveelheid crowdfunding kapitaal verdubbelde in 2014 zelfs ten opzichte van 2013 En dan niet alleen ter financiering van leuke dingen (Voordekunst.nl) of als manier waarop aankomend ondernemers alvast klanten binnenhaalden om hun investeringen konden betalen (Kickstarter). Crowdfunding werd ook steeds serieuzer gezien als mogelijkheid om -ook met kleine portemonnee- zelf te investeren. Puur voor financieel rendement.

Inmiddels is het 2015. En ik constateer dat de Gouden Eeuw van crowdfunding voorbij lijkt. Althans, voor de investeerder. Waarom? Twee redenen: WildWest-praktijken en een verslechterde risico-rendementverhouding.

Wild-West

Wild-West praktijken komen altijd voor bij nieuwe markten. Ik heb dit mogen ervaren bij mijn eerste stapje op het Crowdfunding-pad. In dit geval gaat het om een kleine investering bij “Uit je eigen Stad”, dat werd aangeboden via Symbid. Inmiddels is het een paar jaar geleden dat ik deze investering heb gedaan. Het laatste wat ik heb gehoord, zowel van Symbid als van de ondernemer, was de bankafschrijving. Daarna bleef het stil.

Tot het moment dat via andere investeerders bekend werd dat de onderneming verkocht was, en de corporatie ontbonden. Van de verkoopprijs, waar je als aandeelhouder recht op hebt, geen spoor. Schijnbaar werden investeerders daarvoor gecompenseerd door 75% korting op lunches bij de nieuwe eigenaar, maar daar schiet geen enkel investeerder wat mee op. Want wie gaat er een eind reizen alleen om korting op een lunch?

Dit voorbeeld heeft, het zal je niets verbazen, niet veel goeds gebracht voor het vertrouwen dat ik heb in een platform als Symbid, of in crowdfunding-als-aandeelhouder bij bedrijven die niet op fietsafstand liggen.

Verslechterde risico-rendement verhouding

Goed, bovenstaand voorbeeld is zuur, maar als investeerder weet je dat risico-dragend kapitaal verloren kan gaan. Elke propedeuse-student bedrijfseconomie zal je ook kunnen vertellen dat het afwegen van investeringen gaat om de verhouding tussen risico en rendement. Als je een hoger rendement wilt, zul je over het algemeen meer risico moeten nemen. En tegenover een hoger risico zal een hoger (verwacht) rendement moeten staan.

Als je wat verder in de bedrijfseconomiestudie bent gekomen, leer je ook dat je elke investering moet vergelijken met het laagst-risico alternatief. De meeste mensen vergelijken dit dan met de rente op de spaarrekening. En inderdaad, vergeleken met die magere 0,75% is bijna elke investering interessanter.

Maar is dit de juiste vergelijking? Ik denk van niet. Althans, voor mensen die een hypotheek hebben. Mijn persoonlijke geval: ik heb een hypotheek met een effectieve rente van 5,9%. Deze heeft een resterende looptijd van 21 jaar. Na de belastingaftrek blijft hier zo een 3,5-3,9% van over. Elke investering in de hypotheek is 100% veilig; gedurende de resterende looptijd bespaar ik elk jaar gegarandeerd 3,5% (misschien meer, afhankelijk van fluctuaties in mijn inkomen).

En mocht een bank failliet gaan, ben ik mijn spaargeld kwijt (terug te krijgen met heel veel moeite). Maar mijn hypotheekschuld zal echt niet vergeten worden.

Mijn vergelijkingsrendement is dus 3,5% en geen 0,75%. Dat maakt nogal een verschil. En dan wordt een vijfjaarsproject met creditrating BB (niet echt geweldig) en risicocategorie 5 (hoogst) ineens een stuk minder aantrekkelijk.

Stromend geld

Tegelijkertijd neem ik een grote instroom van nieuw crowdfundingskapitaal waar. Net zoals in de tweede helft van de jaren ’90 iedereen door de media werd opgezweept om “in aandelen” te gaan, zo zie je nu ook dat de media-aandacht mensen naar crowdfunding trekt.Ik zei het al bij de inleiding: in 2014 verdubbelde de crowdfundingmarkt ten opzichte van 2013.

Zelf werk ik (als hobby-investeerder) momenteel het meeste met geldvoorelkaar.nl, waar je als investeerder vreemd vermogen verschaft. Oftewel, een lening met een vaste rente. Nog altijd riskant, maar minder riskant dan een aandelenpositie. Aangezien ik regelmatig kijk naar nieuwe projecten, en ik ook in een aantal projecten een (kleine) positie heb, zie ik heel duidelijk een verandering: rentevergoedingen zijn dalend, terwijl de risico-verwachtingen stijgen.

Huh? Inderdaad; door alle aandacht komt er steeds meer geld naar Crowdfunding. Daar waar meer geld beschikbaar komt, daalt de prijs, dus het geboden rendement. Aan de andere kant zie ik steeds meer (startende) ondernemers naar Crowdfunding kijken. Ging het begin 2014 nog vooral om reeds gevestigde ondernemers, die bijvoorbeeld een uitbreiding wilden financieren, anno 2015 zijn het veel starters. En dan ook vaak nog in redelijk moeilijke markten.

Vorig jaar moest ik af en toe nog kiezen welk project ik deze maand op zou inschrijven. Dit jaar zijn er niet zoveel kandidaten meer die aantrekkelijker zijn dan een versnelde aflossing op de hypotheek.

Wat denk jij? Is Crowdfunding de nieuwe bubble? Is dit een tijdelijke tendens en zullen we uiteindelijk op een gezond evenwicht uitkomen? Of gaat Crowdfunding aan zijn eigen succes ten onder?

This entry was posted in Geld en economie and tagged , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply